Terugblik | FMF Akademy Netwerkbijeenkomst 27 augustus: zelf ervaren hoe het Friese veenweidegebied verandert
7 september 2026
Terugblik: zelf ervaren hoe het Friese veenweidegebied verandert
Wat gebeurt er als je het veenweidegebied écht natter maakt?
Hoe ziet landbouw eruit als het waterpeil stijgt? Kun je gewassen verbouwen op grond die bewust wordt vernat? En kunnen daar uiteindelijk ook nieuwe producten en verdienmodellen uit ontstaan? Tijdens de netwerk en partnerbijeenkomst van de FMF op 27 augustus gingen we bij VIP Hegewarren het veld in om te zien hoe daar in de praktijk aan deze vragen wordt gewerkt.
De Hegewarren is een plek waar niet alleen over de toekomst van het Friese veenweidegebied wordt gesproken, maar waar ideeën daadwerkelijk worden uitgeprobeerd. Tijdens twee rondleidingen maakten bezoekers kennis met een natuurvriendelijk melkveebedrijf op vernat veen en met experimenten rond natte teelten, waaronder lisdodde. Daarna gingen bezoekers met medewerkers van de FMF in gesprek over verschillende projecten en ontwikkelingen in Fryslân.
Melkveehouderij op natter veen
Bij Hegewarren 30 vertelde Ids over het melkveebedrijf en de onderzoeken die hier plaatsvinden. Een belangrijk vraagstuk is hoe melkveehouderij kan functioneren wanneer het veenweidegebied natter wordt.
Op het bedrijf wordt gewerkt met 53 hectare grond en wordt toegewerkt naar ongeveer 70 melkkoeien. Daarmee is het bedrijf relatief extensief. Er wordt gewerkt met Jersey koeien, een kleiner en wendbaarder ras. De koeien krijgen zoveel mogelijk ruimte om buiten te grazen en het bedrijf probeert zoveel mogelijk gras van eigen land te benutten.
Bijzonder is dat hier niet vanuit een vast eindmodel wordt gewerkt. Het bedrijf is juist een plek om te ontdekken welke vorm van melkveehouderij op vernat veen kan werken. Het systeem wordt de komende jaren getest, aangepast en verder ontwikkeld.
Water het land in brengen
Een belangrijk onderdeel daarvan is natuurlijk het water zelf. Het verhogen van het slootwaterpeil betekent namelijk niet automatisch dat het midden van een perceel voldoende nat wordt.
Daarom wordt onder andere gewerkt met infiltratiesystemen. Drainage wordt hier niet alleen gebruikt om water af te voeren, maar juist om water verder het veen in te brengen. Ook met greppels wordt onderzocht hoe het water beter over het land kan worden verdeeld.
Dat heeft gevolgen voor het hele landbouwsysteem. Hoe groeit het gras? Hoe gedragen koeien zich op nattere grond? Hoeveel dieren passen bij zo’n bedrijf? En wat betekent dit uiteindelijk voor de financiële kant van het boerenbedrijf?
Zelfs het koeienras staat niet bij voorbaat vast. De Jersey koeien zijn gekozen vanwege hun kleinere formaat en wendbaarheid, maar ook daarvan wordt onderzocht of ze daadwerkelijk het beste bij dit systeem passen. Juist dat maakt de Hegewarren interessant: er mag nog ontdekt worden.

Natuurvriendelijk boeren moet ook kunnen verdienen
Tijdens de rondleiding ging het gesprek dan ook verder dan alleen water, gras en koeien. Een belangrijke vraag vanuit de groep was wat een boer nodig heeft om op deze manier te kunnen werken.
Daarbij kwam het verdienmodel nadrukkelijk naar voren. Wie extensiever en natuurvriendelijker wil boeren, moet daar uiteindelijk ook een passend inkomen mee kunnen verdienen. Een stabiele melkprijs die aansluit bij de manier van produceren werd daarbij als belangrijk genoemd.
Ook subsidies kwamen ter sprake. Voor de stichting achter de onderzoekslocatie zijn deze belangrijk om experimenten en onderzoek mogelijk te maken. Het doel is uiteindelijk kennis op te bouwen waarmee ook andere melkveehouders verder kunnen.
Lisdodde als gewas
Op Hegewarren 15 liet Aliena een heel andere kant van het vernatten zien. Want wat gebeurt er als grond uiteindelijk zo nat wordt dat traditionele landbouw minder goed past? Dan komen natte teelten in beeld.
Een van de gewassen waarmee in de Hegewarren volop wordt geëxperimenteerd is lisdodde. De plant groeit goed onder natte omstandigheden en kan fosfaten opnemen. Bovendien heeft lisdodde eigenschappen die interessant zijn voor nieuwe producten.
De stengels bevatten luchtkamers. Daardoor kan het materiaal bijvoorbeeld worden gebruikt voor isolatie. Van lisdodde kan ook plaatmateriaal in verschillende diktes worden gemaakt. Studenten hebben daarnaast onderzocht hoe delen van de plant als vulling voor jassen kunnen worden gebruikt.
Ook met riet wordt geëxperimenteerd. Een interessante gedachte die tijdens de rondleiding voorbijkwam: zou je in de toekomst niet alleen het riet voor een dak lokaal kunnen verbouwen, maar ook het plaatmateriaal eronder van datzelfde gewas kunnen maken?

Experimenteren betekent ook dat dingen mislukken
Voordat zulke toepassingen op grotere schaal mogelijk zijn, moet eerst duidelijk worden hoe je deze gewassen goed kunt telen. En juist daar bleek hoeveel er nog te leren valt.
De eerste proeven met lisdodde leverden allerlei praktische lessen op. Het egaliseren van de bodem leek bijvoorbeeld aanvankelijk logisch, maar maakte de grond zo zacht dat werken op het veld lastig werd. Op andere plekken werd het land simpelweg onder water gezet, zodat bestaand gras afstierf voordat de lisdodde werd aangebracht.
Ook het planten zelf vraagt om uitproberen. Handmatig planten bleek arbeidsintensief. Er werd geëxperimenteerd met zaaien, een drone en machines met brede banden. En dan zijn er nog de ganzen. Die blijken jonge lisdoddes bijzonder lekker te vinden en trekken de zoetige wortels uit de grond. Zodra de planten groter en steviger zijn, wordt dat probleem kleiner.
Opvallend genoeg bleken sommige lisdoddes die spontaan opkwamen het juist bijzonder goed te doen.
Het laat zien waarom een proeftuin als deze belangrijk is. Een experiment hoeft niet meteen succesvol te zijn om waardevol te zijn. Ook weten wat níét werkt brengt een toepasbare oplossing dichterbij.

Wat levert vernatting daadwerkelijk op?
Naast de praktische proeven wordt in de Hegewarren gemeten wat vernatting doet met de uitstoot van broeikasgassen. Het verhogen van het waterpeil moet de afbraak van veen en daarmee CO2 uitstoot verminderen. Maar ook hier blijkt de werkelijkheid niet eenvoudig.
Verschillende soorten veengrond reageren anders en naast CO2 spelen ook methaan en lachgas een rol. Zelfs het seizoen en het moment van de dag kunnen verschil maken in wat wordt gemeten.
De vraag is daarom niet simpelweg of vernatting werkt, maar welke inrichting op welke plek het beste resultaat oplevert. Bodem, water, gewas en gebruik hangen allemaal met elkaar samen. Dat maakt het uiteindelijk maatwerk.
Van het veld naar het gesprek
Na de rondleidingen ging het programma binnen verder. Daar stond niet één spreker centraal, maar juist de uitwisseling met elkaar.
Onze programmamanagers en projectleiders zaten verspreid door de ruimte aan verschillende tafels. Iedere tafel draaide om een ander project, thema of vraagstuk waar de FMF aan werkt. Bezoekers konden zelf kiezen waar ze wilden aansluiten, vragen stellen, ervaringen delen en ideeën meegeven.
Wil je verder kennismaken met het werk van de FMF? Op onze pagina Wij werken aan vind je onze verschillende thema’s. Per thema kun je bekijken welke projecten momenteel lopen en welke afgeronde projecten ter inspiratie op de website staan. Onderaan iedere themapagina vind je ook de verantwoordelijke programmamanager, zodat je weet bij wie je terechtkunt voor meer informatie.
Voor de FMF is die uitwisseling belangrijk. Als netwerkorganisatie willen we niet alleen kennis delen, maar ook horen wat aangesloten organisaties, samenwerkingspartners en andere betrokkenen in de praktijk tegenkomen en waar zij kansen zien.
Samen blijven ontdekken
De middag bij VIP Hegewarren gaf geen kant en klaar antwoord op de vraag hoe het Friese veenweidegebied er in de toekomst uit moet zien. En misschien was juist dát de belangrijkste les.
Op één plek wordt tegelijkertijd gewerkt aan melkveehouderij op nattere grond, nieuwe teelten, biobased materialen, waterbeheer en onderzoek naar broeikasgassen. Soms werkt iets direct, soms moet een aanpak worden aangepast en soms blijkt een andere route nodig.
Door die ervaringen te delen kunnen boeren, onderzoekers, overheden en maatschappelijke organisaties samen ontdekken wat in Fryslân werkt. De Hegewarren laat daarmee vooral zien wat er mogelijk wordt wanneer er ruimte is om nieuwe ideeën niet alleen te bedenken, maar ook daadwerkelijk uit te proberen.
Blijf betrokken bij FMF Akademy
Deze netwerk en partnerbijeenkomst is onderdeel van FMF Akademy. Binnen FMF Akademy organiseren we gedurende het jaar verschillende bijeenkomsten om kennis te delen, ontwikkelingen zichtbaar te maken en mensen met elkaar in gesprek te brengen.
Benieuwd naar de volgende bijeenkomsten? Bekijk de FMF Akademy pagina voor de agenda en meer informatie. Via onze nieuwsbrief hoor je als eerste wanneer het onderwerp, de locatie en de sprekers van een volgende bijeenkomst bekend zijn.
Deze samenvatting is met zorg opgesteld. Zie je iets dat niet klopt? Laat het ons weten door een mail te sturen naar info@fmf.frl.
In contact komen over duurzame landbouw?
Katinka de Jong
Programmamanager Fitale en Duorsume Lândbou
